Wereldvoetbal

Het is woensdagmiddag, ik loop over De Wittenkade in de Staatsliedenbuurt. De straat kleurt oranje, vlaggetjes hangen uit huizen, franjeslingers bedekken de gevels, ballonnen versieren de geveltuintjes. In de krant las ik een advertentie, je kunt het ‘oranje straatversiering pakket’ kopen bij Party Balloon, de feestwinkel op de Rozengracht.

Vanavond speelt Nederland tegen de wereldkampioen Spanje.
Twee oranjefans lopen langs terwijl ik het slot van mijn fiets haal, de man heeft een ladder onder zijn arm en de vrouw draagt vlaggetjes, een losgelaten sliert oranje danst achter haar aan. Verschillende lantaarnpalen zijn verbonden met elkaar door een sliert van oranje vlaggetjes met een leeuw erop.

Terwijl ik mijn fiets losmaak kruizen onze blikken elkaar.
‘Mooi gedaan,’ zeg ik.
De vrouw lacht, de man knikt.
Hij zet de ladder tegen de lantaarnpaal en loopt naar boven met de vlaggetjes in zijn hand, de andere kant zit vast aan de paal ernaast. Zij houdt de ladder met beide handen vast, de knokkels van haar handen kleuren wit. Als hij op zijn tenen gaat staan wiebelt de ladder heen en weer.
‘Voorzichtig, Piet,’ zegt de vrouw.
‘Ja, ja,’ mompelt hij.
Als hij weer veilig beneden staat kijken ze tevreden omhoog.
‘Aan ons zal het niet liggen,’ zegt de man.

Het is acht uur. De meeste mensen die langs mijn raam lopen zijn in het oranje gekleed, op weg naar vrienden, het café of Museumplein om samen de wedstrijd te bekijken. Het plein is omgedoopt tot oranjeplein, er zijn verschillende schermen opgehangen om de wedstrijd te kunnen volgen.
Ik kijk thuis op de bank. In de zesentwintigste minuut wordt het 1-0 voor Spanje door een strafschop. Ik moet denken aan de woorden van de oranjefans in de Staatsliedenbuurt.
‘Aan ons zal het niet liggen,’ zei hij.

Nederland short een doelpunt en daarna volgen er nog vijf. Direct na de wedstrijd barst het feest los, auto’s komen toeterend voorbij rijden. Een vrouw staat voor mijn huis te blazen op een toeter, een man voor de Braziliaanse kroeg aan de overkant, reageert daarop. Het geluid galmt over het water. Nederland viert feest alsof we al wereldkampioen zijn geworden

De vlaggetjes in de De Wittenkade hebben er niet voor niets gehangen, de winst is binnen, nu maar hopen dat ze er nog lang blijven hangen.