Boekenweek

2016-03-27 17.05.21`U heeft geluk,`zegt de vrouw tegen me, ze heeft een NS- uniform aan en staat op perron 2a voor de trein die over vijf minuten vertrekt naar mijn bestemming.
`Nou, dat valt vandaag goed tegen, ik ben in gevecht geweest met de kaartjesautomaat.`
`Is even kijken,` ze start het apparaat op wat ze in haar hand heeft. `Ik heb eigenlijk geen normale dienst, ik begeleid haar.`
`U begeleid wie?`
`Esther Gerritsen.`
`Die van….`
`Ja, die van het Boekenweekgeschenk.`
`Ze reist mee en u kunt haar om een handtekening vragen, heeft u het boek bij u?`
`Nee, ik reis vandaag met mijn keuzedag, kunt u kijken of ik ben ingecheckt?`
`Wat zonde nu, maar als u haar wilt zien kunt u wel even naar de voorste coupé komen hoor. Dat vindt ze vast niet erg, het is zo’n aardige meid, heel gewoon gebleven.`
`Ik hoef haar niet te zien, kunt u even kijken wat er mis is gegaan, ik wil graag mee met deze trein en weet niet of ik nu wel of niet ben ingecheckt. Ik wil gratis kunnen reizen met mijn keuzedag en niet met het Boekenweekgeschenk.`
`Hebt u haar boek wel gelezen? Ze kan goed schrijven.`
`Kunt u nu even….`
`U hebt eerst ingecheckt en toen heeft u pas u keuzedag opgehaald.`
`Dat klopt niet, het is andersom.`
`Het apparaat zegt iets anders.`
`Misschien heeft het apparaat het mis.`
`Dat kan niet mevrouw. U hebt iets niet goed gedaan, gaat u maar even naar de informatiebalie om het daar uit te zoeken.`
`Ik heb geen tijd, ik heb een afspraak en moet deze trein nemen en ik wil gebruik maken van mijn gratis reizen kaartje.`
`Ja, als u nu een Boekenweekgeschenk had meegenomen dan had u gratis kunnen reizen en ook nog een handtekening kunnen vragen aan Astrid.`
`Maar dat heb ik niet.`
`Weet u, het is een mooie dag, ik strijk mijn hand over mijn hart, stapt u maar in maar dan moet u wel even naar de balie in Den Haag om het uit te zoeken.`

Bij het controleren van mijn kaartje blijk ik wel te zijn ingecheckt maar niet met mijn keuzedag.
`U moet iets verkeerd hebben gedaan?` zegt de controleur als ik hem vertel dat het mislukt was mijn keuzedag op te halen.
`Ik heb niets anders gedaan dan ik altijd doe.`
`Mevrouw er is niet voor niets iets verkeerd gegaan.`
`Het apparaat deed anders.`
`U deed waarschijnlijk iets niet goed. Weet u wat, vraag in Den Haag even aan één van onze medewerkers of ze het u willen uitleggen.`

Als ik uitcheck op het station in den Haag, staat er duidelijk aangeven dat ik heb gereisd met mijn keuzedag. Ik ben blij verrast maar snappen doe ik het al lang niet meer.

Interview

2016-03-27 16.36.29Een vrouw vult het televisiescherm.
`Ik ben Marij, ben 57 jaar, copywriter.`
Marij heeft blonde krulletjes, dunne wenkbrauwen die snel heen en weer bewegen. Ze staat voor de schuifdeuren van haar woonkamer en kijk recht in de camera.
`Het valt niet mee,` zegt ze.
Even valt er een stilte.
`Het valt niet mee,` de stem van de interviewer klinkt loodzwaar.
De toon was gezet, het was precies de goede.
Ze begint uitgebreid te vertellen over de taxichauffeur en glazenwasser die op haar advertentie hebben gereageerd.

Er verschijnt een man in beeld.
`Ik ben Wil, ben 53 jaar en kom uit Zutphen,` zegt hij.
Wil heeft kleine oogjes in een rood uitgelopen gezicht.
`Ik heb een HBO- lerarenopleiding gedaan dus zoek ik een vrouw op niveau.`
`Op niveau?`
`Van hetzelfde niveau?`
`Dat vindt u belangrijk.`
`Het is prettig als er naar je geluisterd wordt, dat iemand me begrijpt.`
`U wilt begrepen worden?`
De man brandt los.
`Ja, wie wil dat nu niet? Om een voorbeeld te geven, mijn interesses gaan uit naar  politiek, ik weet veel over Joop den Uyl en vertel daar graag over.`
`En de liefde?`
`Ach, verliefd zijn dat blijf je altijd wel, dat is het punt niet.`
`Dat mag het punt niet zijn?`
`Nee, dat zeg ik toch, dat is het punt niet.`

Opnieuw verschijnt de vrouw in beeld.
`Ik ben blond, nou daar reageren mannen wel op, ik kreeg me toch een stelletje idioten in mijn inbox, daar zit ik echt niet op te wachten.`
`Vertel.`
`Het zijn van die mannen die niet bij mij passen, ik zoek iemand waarmee ik op zondagochtend samen naar Buitenhof kan kijken en dat we allebei het NRC lezen, naar concerten gaan je snapt het wel.`
`U vraagt aan mij of ik het snap?`
Ze gaat door:
`Ik wil geen man die gaat staan boren als ik op zondagmorgen naar mijn favoriete programma kijk`, ze kijkt schuin de camera in en begint als een klein meisje te giechelen. `Je gelooft me niet hé? Maar ik heb dit echt meegemaakt.`
`En de liefde?`
`De liefde komt vanzelf wel.`
Het blijft even stil.
`Toch?` klinkt haar stem wat onzeker.

Opnieuw verschijnt de man in beeld. Ik zet met mijn afstandsbediening de televisie uit en ik blijf nog even staren naar het zwarte gat en hoor mezelf zuchten.
Ach ja, de liefde.

Liefde

imagesB1WMPAADHet loopt tegen het einde van de winter, de lente hangt al in de lucht. Met de trein naar Beverwijk en na ruim twintig minuten op de fiets kom ik aan in mijn lievelingsdorp aan de kust, Wijk aan Zee. Het dorp heeft twee kerktorens, één supermarkt en op het Julianaplein, twee snackbars, één pizzeria en één Chinees Indisch restaurant. Aan de rand van het dorpje ligt hotel café restaurant Sonnevanck. Het is een statig gebouw met brede trap naar de ingang, het heeft iets uitnodigend. Links daarvan ligt het terras tussen pilaren, daarvoor het pad dat naar het strand en de zee leidt.

Vele uren heb ik hier doorgebracht. Alle seizoenen heb ik meegemaakt vanaf het terras of vanachter het raam kijkend naar het opwaaiende zand, of de sneeuw die het bedekte. Zittend op het terras met de mensen met roodverbrande gezichten achter glazen bier na een dagje strand en zee.

Soms was ik hier maar één dag, bijvoorbeeld voor een lopend buffet op eerste kerstdag, of een dagje uitwaaien, of een band die optrad. Maar vaker langer, weken kampeerde ik op het terrein aan de rand van het dorp of tijdens een stop van een fietsvakantie. In dit dorp liggen de ernstige gesprekken, de verhitte discussies, de emotionele uitbarstingen, het was er allemaal.

Na een aantal jaren ben ik weer terug in het dorp en word ik verwelkomd door een flauw zonnetje die zich af en toe laat zien. Het is een doordeweekse dag en rustig op het strand. Je kunt zien dat het al mooi weer is geweest, er staan catamarans op het strand, een trampoline en er hangt een volleybalnet. Ver in zee ligt een windmolenpark, drie rijen van tien. Achter de duinen de hoogovens. De pijpen reiken tot ver boven het duin, de zwarte rook die er uitcirkelt steekt donker af tegen de blauwe hemel. Vlak bij de Noord Pier ga ik aan de rand van het duin zitten. Langs de vloedlijn loopt een man, vanaf deze plek lijkt hij weg te zinken in het zand, alleen het bovenste deel van zijn lichaam is te zien. Voorovergebogen met zijn handen  op de rug is hij in gevecht met de wind. Witte schuimkoppen liggen op de golven, wolken met witte randjes lijken vastgeplakt aan de blauwe hemel. Meeuwen laten zich meevoeren met de wind en maken een krijsend geluid. Het beeld valt stil en kruipt in me.

Teruglopend over de boulevard komt een ouder echtpaar me tegemoet lopen, zijn hand rust lichtjes rond haar middel. Ze keuvelen wat en zij kijkt even naar hem op en lacht een tedere lach. Ze stoppen bij een geparkeerde auto, hij maakt het portiek voor haar open en houdt beschermend zijn hand boven haar hoofd.

Plotseling word ik overspoeld door een gevoel van liefde, tranen vullen mijn ogen. Ik zie het niet vaak maar als ik het zie ontroert het me altijd. De pure, oprechte liefde die van deze mensen af te lezen is. Elke keer als ik hier getuige van mag zijn vult het mijn hart en bejubel ik de liefde.